Direct Inloggen

Actueel oordeel

De bedrijfsarts/arbodienst stelt dit formulier op ten behoeve van werkgever en werknemer. Uiterlijk in de 93e week van ziekte kan een werknemer een WIA-uitkering aanvragen. Om te bekijken of de werknemer een WIA-uitkering kan ontvangen, heeft UWV aanvullende informatie nodig over de actuele situatie van de werknemer. Met het actueel oordeel geeft de bedrijfsarts aan hoe de actuele situatie is.

Werkgever en werknemer hebben het oordeel nodig om de Eindevaluatie van het Plan van Aanpak te maken. Als het dienstverband van de werknemer eindigt tijdens ziekte c.q. arbeidsongeschiktheid, kan hij/zij mogelijk een Ziektewetuitkering krijgen. Ook in dit geval heeft UWV aanvullende informatie nodig.

Arbeidsconflict

Wanneer werkgever en werknemer een meningsverschil hebben en er samen niet uitkomen, kan het voorkomen dat een werknemer zich ziek meldt. Bij een arbeidsconflict gelden de regels van ziekte in principe niet. De werknemer is immers niet ziek, maar is enkel ongeschikt om bij zijn eigen werkgever te werken.

Een bedrijfsarts kan vaststellen dat er geen sprake is van ziekte of gebrek, maar van een arbeidsconflict. In dat geval zal de bedrijfsarts werkgever en werknemer adviseren conform de ‘Stecr-richtlijn voor arbeidsconflicten’. Er kan een mediator worden aangesteld om in het conflict te bemiddelen.

Arbeidsdeskundige

Deskundige die analyseert wat de verzekerde gezien zijn medische beperkingen en vaardigheden nog voor werk zou kunnen doen en wat hij met dat werk kan verdienen. De arbeidsdeskundige maakt hierbij gebruik van de FML.

Arbeidsinspectie

Zie Inspectie SZW.

Arbeidsomstandigheden

De omstandigheden op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn, waaronder werk wordt verricht door een werknemer.

Arbeidsomstandighedenbeleid

Het geheel van beslissingen en regels waarmee de werkgever in samenspraak met werknemers het beleid rond arbeidsomstandigheden vorm geeft.

Arbeidsomstandighedenwet

Wet met verplichtingen voor werkgevers en werknemers m.b.t. gezondheid, veiligheid en welzijn met het doel om ongevallen en ziekten, veroorzaakt door het werk, te voorkomen.

Arbeidsongeval

Een arbeids- of bedrijfsongeval is een ongeluk dat plaatsvindt onderwerktijd, waarbij de werknemer schade oploopt. Het woon-werkverkeer valt niet onder het begrip ‘onder werktijd’ en is daarom meestal geen arbeidsongeval. Lees hier wanneer er een meldingsplicht bestaat voor een arbeidsongeval.

Arbo-arts

Een arboarts is een basisarts die werkt bij een arbodienst en daar werkzaamheden uitvoert die vergelijkbaar zijn met die van een bedrijfsarts.

Arbocatalogi

In een arbocatalogus beschrijven werkgevers en werknemers binnen een branche op eigen initiatief hoe ze invulling geven aan de door de overheid gestelde doelen voor gezond en veilig werken. Bijvoorbeeld het handhaven van het maximale geluidsniveau.

Arboconvenant

Een arboconvenant is een afspraak die uw branche met de overheid heeft gemaakt. Zo’n convenant bevat degelijke afspraken over arbeidsomstandigheden binnen uw branche.

Bedrijfsarts

Een bedrijfsarts doet na zijn opleiding tot basisarts een vierjarige opleiding op het gebied van arbeid en gezondheid. De titel bedrijfsarts is een wettelijk beschermde titel. Deze arts staat als medisch specialist in het Register van Sociaal Geneeskundigen en moet deelnemen aan verplichte nascholing en visitaties door de beroepsvereniging (NVAB).

De bedrijfsarts is er voor de werknemer en de werkgever. Anders dan de huisarts of specialist houdt de bedrijfsarts zich in de eerste plaats niet bezig met behandelen of genezen. Hij kijkt vooral of er met de klachten nog gewerkt kan worden. Eerst kijkt hij of het eigen werkt nog gedaan kan worden. Kan dat niet, of niet meteen? Dan kijkt hij wat er nodig is om toch weer aan de slag te gaan. Misschien minder uren werken of tijdelijk taken overdragen. Een werknemer moet meewerken aan het onderzoek door een bedrijfsarts.

Bedrijfshulpverlening (BHV)

Bij bedrijfshulpverlening (BHV) geven werknemers hulp bij onveilige situaties in het bedrijf. Een bhv’er weet bijvoorbeeld hoe hij mensen uit een brandend gebouw moet krijgen. Of hoe hij bij een ongeval eerste hulp moet geven. Zo zorgt hij ervoor dat werknemers en bezoekers geen of zo weinig mogelijk verwondingen en schade oplopen. Als de BHV’er de brand of het ongeval niet (meer) aankan, moet de werkgever ervoor zorgen dat er hulp van buiten het bedrijf wordt ingeroepen: politie, brandweer of ambulance.

Elke werkgever is verplicht bedrijfshulpverlening te hebben. In kleine bedrijven kan een werkgever zelf de BHV’er zijn. De Arbowet schrijft niet voor hoe de werkgever de bedrijfshulpverlening moet regelen. Hij moet in ieder geval rekening houden met de grootte van het bedrijf en de risico’s die er zijn.

Taken bedrijfshulpverler (BHV'er)
De taken van een BHV’er zijn:

  • eerste hulp bij ongevallen geven;
  • brand bestrijden en gevolgen van ongevallen beperken;
  • alarmeren en evacueren van alle personen in het bedrijf in noodsituaties.

Aantal BHV’ers
Het aantal BHV’ers per bedrijf is niet wettelijk vastgelegd. Het aantal wordt meestal gebaseerd op de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Daarnaast moeten er altijd voldoende BHV'ers aanwezig zijn in het bedrijf. De werkgever moet dus rekening houden met ziekte, vakantie en ploegendiensten.

Casemanager

De casemanager volgt de re-integratie en zorgt dat iedereen de gemaakte afspraken nakomt. De casemanager van SAS ZorgPortaal adviseert over de te nemen stappen binnen de re-integratie en draagt zorg voor het opstellen van de benodigde documenten.

Deskundigenoordeel

Niet bindend advies van het UWV naar aanleiding van een vraag van een werkgever, werknemer of belanghebbende op het gebied van ziekte en re-integratie van de werknemer. De te behandelen vragen zijn; is de werknemer ziek, werkt de werknemer of werkgever voldoende mee aan re-integratie en is er binnen de onderneming passend werk voorhanden.

Doel van zo’n oordeel is om de werkgever en werknemer verder te helpen bij hun wederzijdse re-integratieactiviteiten. U kunt hier het Deskundigenoordeel aanvragen.

Eerste spoor

Wanneer een werknemer zijn of haar eigen werk niet meer (volledig) kan uitvoeren zal er gekeken moeten worden welke werkzaamheden er binnen het bedrijf zijn die de werknemer nog wel kan uitvoeren. Wanneer er binnen het bedrijf niet voldoende mogelijkheden zijn kan er een 2e spoor worden opgestart.

Eerstejaars evaluatie

Als een zieke werknemer na een jaar nog niet volledig aan het werk is, is het tijd om het Plan van aanpak te evalueren. Gezamenlijk wordt vastgesteld of de re-integratie naar wens verloopt of dat bijstelling van het plan van aanpak nodig is.

FML

Bij langdurige arbeidsongeschiktheid moet er op een gegeven moment bekeken worden welke arbeidsmogelijkheden de betreffende werknemer nog heeft. Een veelgebruikt instrument om de arbeidsmogelijkheden en arbeidsbeperkingen in kaart te brengen is de zogenaamde functionele mogelijkheden lijst van het UWV, in de praktijk FML genoemd.

De functionele mogelijkheden lijst is door het UWV ontwikkeld en wordt in principe opgesteld in het kader van de arbeidsongeschiktheidswetgeving. De FML wordt opgesteld door de verzekeringsarts of bedrijfsarts. De arts onderzoekt de werknemer ten aanzien van meerdere beoordelingspunten. Hierbij wordt uitgegaan van een zogenaamde normaalwaarde.

Met de normaalwaarde wordt uitgegaan van dat wat de 'gemiddelde Nederlander' tussen de 16 en 65 jaar wordt geacht aan te kunnen. Op de FML wordt aangegeven op welke manier de onderzochte werknemer afwijkt van deze normaalwaarde. Wanneer een werknemer naar beneden afwijkt wordt er van een beperking gesproken.

Gecertificeerd arbo-kerndeskundige

Een deskundige als betitelt in artikel 2.7 Arbobesluit. Dit zijn: bedrijfsarts, hogere veiligheidskundige, arbeidshygiënist of arbeids- en organisatiekundige.

Van de gecertificeerde arbodiensten bestaat een lijst, zowel van interne als externe arbodiensten. Interne arbodiensten zijn arbodiensten die direct zijn aangesloten bij een specifiek bedrijf (meestal de grote bedrijven) en externe arbodiensten zijn niet aangesloten bij een specifiek bedrijf. Bij deze gecertificeerde arbodiensten kunt u terecht voor een gecertificeerde arbodeskundige. Gecertificeerde arbodeskundigen kunnen ook zelfstandig werkzaam zijn.

Let op: Er bestaan ook arbeidsdeskundigen (ook register-arbeidsdeskundige). Maar zij mogen de RI&E NIET toetsen. Een arbeidsdeskundige bepaalt welke beroepen/functies door een gedeeltelijk arbeidsongeschikte uitgeoefend kunnen worden. Zij doen dat ná een medische beoordeling door een verzekeringsgeneeskundige. Dit is een officiële functie ten behoeve van de keuring van werknemers die een beroep willen doen op de WIA.

Inspectie SZW

Per 1 januari 2012 vormen de oude Arbeidsinspectie, de Inspectie Werk en Inkomen (IWI) en de Sociale Inlichtingen en Opsporingsdienst (SIOD) samen de Inspectie SZW. De Inspectie SZW houdt, naast preventie (voorlichting over rechten en plichten en de gevolgen bij het niet naleven hiervan), onder andere toezicht op en handhaaft de naleving van de Arbeidsomstandighedenwetgeving.

IVA

Regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten

IVA-uitkering

Uitkering van 75% van het laatste (gemaximeerde loon) vanuit de IVA, bedoeld voor werknemers die volledig arbeidsongeschikt worden verklaard en waarbij er geen of slechts geringe kans op herstel is.

Keuringsarts

Verzekeringsarts van het UWV die aan de hand van een gesprek, lichamelijk onderzoek en eventuele informatie van huisarts/specialist oordeelt wat, in relatie tot werk, de mogelijkheden en beperkingen zijn van de te keuren verzekerde.

Loondoorbetaling

Werkgevers moeten hun werknemers bij ziekte twee jaar lang 70% van het laatstverdiende (gemaximeerde) loon doorbetalen. Er kan meer loon doorbetaald worden als hier afspraken over staan in de cao of arbeidsovereenkomst. Orgaandonoren en zwangere of net bevallen vrouwen die hierdoor ziek zijn, krijgen 100% van hun dagloon.

Voor het eerste ziektejaar zijn werkgevers wettelijk verplicht minstens het minimumloon door te betalen. Dat geldt niet voor het tweede ziektejaar. Eindigt een contract tijdens de ziekte, dan komt de werknemer in de Ziektewet terecht. Dit kan ook gelden als een werknemer via een uitzendbureau werkt. Het UWV of de werkgever (indien eigen risicodrager voor de Ziektewet) betaalt dan de Ziektewet-uitkering.

Loonkostensubsidie

Financiële bijdrage van de overheid aan een werkgever die een werknemer met een verminderd arbeidsvermogen in dienst heeft. De loonkostensubsidie staat open voor mensen met een arbeidsbeperking welke niet in staat zijn om 100% van het wettelijk minimumloon te verdienen, zoals Wajongers, WSW-ers die begeleid werken en mensen met een WSW-indicatie die op de wachtlijst staan.

Loonopschorting

Wanneer een medewerker niet meewerkt aan de re-integratie, dan zijn er een aantal mogelijkheden om een loonsanctie op te leggen. Een loonopschorting is van toepassing als een werknemer zich niet houdt aan de controlevoorschriften, waardoor er niet bepaald kan worden of er sprake is van arbeidsongeschiktheid. Bijvoorbeeld als een werknemer niet verschijnt op het spreekuur van de bedrijfsarts. Als het loon wordt opgeschort en de bedrijfsarts oordeelt later dat er wel sprake is van arbeidsongeschiktheid, dan zult u het loon alsnog met terugwerkende kracht moeten uitbetalen.

Loonstop

Een stopzetting van het loon is van toepassing als een werknemer:

  • Zijn of haar ziekte opzettelijk veroorzaakt heeft
  • Het herstel vertraagt of belemmert
  • Weigert om passende werkzaamheden te verrichten, zonder dat daar een goede reden voor is
  • Weigert om de adviezen van de bedrijfsarts of arbeidsdeskundige op te volgen

Voordat een loonstop wordt toegepast moet u de werknemer eerst schriftelijk waarschuwen en een redelijke termijn geven om alsnog mee te werken. Neem in elk geval eerst contact op met uw casemanager om te bespreken dat u een loonstop wilt toepassen.

Maatmaninkomen

Het maatmaninkomen is het inkomen per uur dat gezonde personen met arbeid gewoonlijk verdienen.

Maximaal SV-loon

Door de overheid jaarlijks vastgesteld maximum bedrag waarover premies werknemersverzekeringen worden geheven en waarop uitkeringen zijn gebaseerd.

Mediation

Mediation is een vorm van conflictbemiddeling. Een mediator is een onafhankelijke specialist die partijen helpt om samen tot een oplossing te komen. Deelnemen aan mediation gebeurt altijd op vrijwillige basis. Wanneer partijen besluiten om mediation aan te gaan, moeten zij bereid zijn om samen aan een oplossing te werken. Wat er tijdens mediation besproken wordt is vertrouwelijk.

Naverrekenen

Na afloop van het kalenderjaar definitief vaststellen van de premie van het afgelopen jaar op basis van de verloonde som of omzet.

Periodiek arbeidsgezondheidskundig Onderzoek (PAGO)

Werkgevers zijn volgens de arbeidsomstandighedenwet verplicht om hun werknemers een preventief Periodiek ArbeidsGezondheidskundig Onderzoek (PAGO) aan te bieden. Het doel van het PAGO is het vroegtijdig signaleren en voorkomen van gezondheidsschade als gevolg van risico's in het werk.Het PAGO kan op uw verzoek aangevuld worden met aanvullende onderzoeken (PMO). In vergelijking met het PAGO richt het PMO zich ook op de algemene gezondheid van uw werknemers, zoals leefstijl (beweging, voeding, alcohol, en roken).

Plan van Aanpak (onderneming)

Als uit de risico-inventarisatie blijkt dat bepaalde zaken moeten worden verbeterd, moet hiervoor een plan van aanpak worden opgesteld. Daarna moet dit plan worden uitgevoerd.

Plan van aanpak (re-integratie)

Beschrijving van het re-integratiedoel van de zieke werknemer en de wijze waarop dit getracht bereikt te worden. Klik hier voor het formulier.

Poortwachter

Minder instroom van medewerkers in de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). Dat is het doel van de Wet verbetering Poortwachter. Deze wet vraagt van u als ondernemer dat u uw medewerker in het arbeidsproces houdt en bij verzuim snel weer aan passend werk helpt. Deze re-integratie moet aan bepaalde voorwaarden voldoen en wordt gerapporteerd aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV). Het UWV beoordeelt bij de WIA-aanvraag of er voldoende aan re-integratie is gedaan. Is dat niet het geval, dan kan dat u geld kosten. Klik hier voor meer informatie over de verzuimbegeleiding van het SAS ZorgPortaal.

Klik hier voor meer informatie over de verzuimbegeleiding van SAS ZorgPortaal.

Poortwachterstoets

Beoordeling door UWV na afloop van de periode van loondoorbetaling bij ziekte van de re-integratie-inspanningen van de werkgever en de werknemer.

Preventie

Activiteiten ter voorkoming van arbeidsongeschiktheid. Denk hierbij aan het aanbieden van PAGO en PMO, het aanbieden van workshops en trainingen op het gebied van leefstijl en RSI/KANS.

Preventief Medisch Onderzoek (PMO)

Met een door de werkgever verplicht aan te bieden PMO worden gezondheidsrisico's van individuele medewerkers in het werk vroegtijdig opgespoord om ze te voorkomen of de gevolgen ervan zoveel mogelijk te beperken.

Preventiemedewerker

De preventiemedewerker voert taken uit gericht op het voorkomen van ongevallen en verzuim. Iedere organisatie moet een preventiemedewerker in dienst hebben.

Probleemanalyse en advies

Analyse van de beperkingen door een bedrijfsarts. In het advies wordt onder andere ingegaan op de wijze van re-integratie en de verwachte duur van het herstel.

Re-integratie

De terugkeer in het arbeidsproces van werkloze, arbeidsgehandicapte en arbeidsongeschikte werknemers. Klik hier voor meer informatie.

Re-integratiebedrijf

Een re-integratiebedrijf begeleidt mensen naar werk. Bijvoorbeeld door een werknemer te begeleiden bij het zoeken van passend werk of door het aanbieden van trainingen, trajecten of cursussen.

Re-integratietraject

Traject dat erop gericht is de terugkeer in het arbeidsproces van werkloze, arbeidsgehandicapte en arbeidsongeschikte werknemers te bewerkstelligen.

Re-integratieverslag

Het re-integratiedossier, opgesteld door de werkgever, werknemer en arbodienstverlener, op grond waarvan het UWV beoordeelt of de re-integratie-inspanningen voldoende zijn geweest. Waaruit bestaat het re-integratieverslag? Lees hier verder.

Regres

Verhaal van schade op een aansprakelijke derde.

RI&E

Risico-inventarisatie & -evaluatie. Een voor werkgevers verplicht overzicht met alle risico’s in het bedrijf en een plan van aanpak voor het oplossen of verminderen van deze risico’s.

RI&E-instrumenten

Een RI&E-instrument is een hulpmiddel bij het opstellen van een RI&E. Deze instrumenten zijn ontwikkeld door brancheorganisaties. De risico’s die hierin aan bod komen zijn afgestemd op de meest voorkomende risico’s in de betreffende branche. Speciaal voor haar leden heeft de KNS een gratis, digitale branche-RI&E ontwikkeld. Klik hier voor mee informatie.

Risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E)

Een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) beschrijft de risico's voor de veiligheid en gezondheid op de werkplek. Ook staat hierin welke maatregelen een werkgever neemt om deze risico's te verminderen. Elke werkgever
is verplicht om zelf een RI&E op te stellen. Werknemers moeten de risico-inventarisatie van hun bedrijf kunnen inzien.

Bedrijven met meer dan 25 werknemers
Deze bedrijven hebben een preventiemedewerker in dienst die de RI&E opstelt. Een gecertificeerde arbo-kerndeskundige toetst de RI&E en het plan van aanpak dat erbij hoort. De arbo-kerndeskundige is bij voorkeur een interne medewerker, die goed bekend is met de situatie binnen het bedrijf.

Kleine bedrijven (minder dan 25 werknemers)
Deze bedrijven hoeven de risico-inventarisatie en –evaluatie niet te laten beoordelen door een arbodeskundige. Voorwaarde is wel dat zij gebruikmaken van een erkend RI&E-instrument uit hun branche. Het Steunpunt RI&E biedt een groot aantal erkende RI&E-instrumenten.

Minder dan 40 uur werk per week: geen RI&E nodig
Werkgevers die voor maximaal 40 uur per week personeel in dienst hebben, gebruiken bij voorkeur een erkend RI&E-instrument uit hun branche. Is er geen erkend RI&E-instrument? Dan kunnen zij gebruikmaken van de Checklist Gezondheidsrisico’s.

Plan van aanpak risico-inventarisatie
Naast de risico's legt de werkgever in de RI&E vast welke maatregelen hij neemt om de risico's zo klein mogelijk te maken. Deze maatregelen staan in een plan van aanpak. De ondernemingsraad moet hiermee instemmen. In het plan van aanpak staat:

  • welke verbeteringen de werkgever gaat doorvoeren;
  • welke verbeteringen het belangrijkst zijn;
  • wanneer ze afgerond moeten zijn;
  • wie voor de uitvoering verantwoordelijk is.

Actueel houden
Als de arbeidsomstandigheden in het bedrijf veranderen, moet ook de RI&E worden aangepast. Bijvoorbeeld bij de inrichting van een nieuwe productielijn, een uitbreiding van het dienstenpakket, een ingrijpende verbouwing of nieuwe taken voor de medewerkers. Zo blijft de RI&E altijd actueel.

Situatieve arbeidsongeschiktheid

Een situatie waarin een werknemer niet in staat is om te werken bij de eigen werkgever, terwijl hij medisch gezien niet ziek is. Vaak is er sprake van een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer heeft alleen recht op doorbetaling van het loon als hij meewerkt aan het oplossen van het conflict. Alleen een bedrijfsarts mag vaststellen of er sprake is van situatieve arbeidsongeschiktheid. Zie ook Arbeidsconflict.

Toetsing RI&E

Als een organisatie een RI&E heeft opgesteld dan is de organisatie wettelijk verplicht deze RI&E en plan van aanpak te laten toetsen door een gecertificeerd arbodeskundige. Deze arbodeskundige bekijkt of alle risico’s op uw lijst staan, of de situatie in het bedrijf goed is weergegeven en of de laatste normen en richtlijnen zijn gebruikt. Ook adviseert deze deskundige bij het plan van aanpak. De toetsing is dus een inhoudelijk, deskundig advies over de RI&E en het plan van aanpak dat het bedrijf verplicht moet laten uitvoeren. Daarna moeten bedrijven, ná instemming door een OR of PVT (indien aanwezig), met de getoetste RI&E en plan van aanpak aan de slag.

Toetsingsvrijstelling RI&E

Vanaf 1 april 2011 geldt voor bedrijven met 25 werknemers of minder, die gebruik hebben gemaakt van een erkend branche RI&E-instrument dat zij hun RI&E niet meer hoeven te laten toetsen. Dit betekent:

  • geen bedrijfsbezoek van de arbodienst of arbo-kerndeskundige;
  • geen aanvullende metingen (mits de metingen die voor het opstellen van de RI&E zijn uitgevoerd door erkende instellingen zijn uitgevoerd);
  • dus tijd- en kostenbesparing;
  • en meer motivatie en sneller aan de slag om zaken te verbeteren.

Tweede spoor

Soms is het niet meer mogelijk om (volledig) bij de eigen werkgever terug te keren. Er wordt dan een ‘Tweede spoortraject’ ingezet. Hierbij wordt de werknemer begeleid in het zoeken naar ander werk bij een andere werkgever.

Verdiencapaciteit

Het theoretische inkomen dat een (deels) arbeidsongeschikte werknemer volgens de arbeidsdeskundige nog kan verwerven.

Vervroegde IVA-keuring

Indien er eerder dan na 104 weken ziekte sprake is van volledige en duurzame arbeidsongeschiktheid kan een verkorte wachttijd van minimaal 13 en maximaal 78 weken voor de IVA-uitkering worden aangevraagd.

Verzekeringsarts

Arts werkzaam voor het UWV die aan de hand van een gesprek, lichamelijk onderzoek en eventuele informatie van huisarts/specialist oordeelt wat, in relatie tot werk, de mogelijkheden en beperkingen zijn van de te keuren verzekerde.

Verzuimbeleid

Het beleid van een onderneming dat gericht is op het voorkomen en beperken van ziekteverzuim.

Verzuimduur

De gemiddelde lengte van een ziekteverzuimperiode van een werknemer.

Verzuimfrequentie

Het gemiddeld aantal ziekmeldingen per werknemer per periode.

Verzuimprotocol

Document met afspraken over de rechten en verplichtingen van betrokkenen op het gebied van preventie van verzuim, respectievelijk begeleiding en re-integratie in geval van verzuim. Bekijk het verzuimprotocol van SAS Zorgportaal.

Verzuimreglement

Zie verzuimprotocol.

Wet verbetering poortwachter

Minder instroom van medewerkers in de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). Dat is het doel van de Wet verbetering Poortwachter. Deze wet vraagt van u als ondernemer dat u uw medewerker in het arbeidsproces houdt en bij verzuim snel weer aan passend werk helpt. Deze re-integratie moet aan bepaalde voorwaarden voldoen en wordt gerapporteerd aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV). Het UWV beoordeelt bij de WIA-aanvraag of er voldoende aan re-integratie is gedaan. Is dat niet het geval, dan kan dat u geld kosten. Klik hier voor meer informatie over de verzuimbegeleiding van SAS ZorgPortaal.

Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen – WIA

Wet die werknemers verzekert die op of na 1 januari 2004 ziek zijn geworden. Na 104 weken van ziekte ontvangen zij onder voorwaarden een loonvervangende uitkering. De WIA is opgebouwd uit de regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) en de regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA).

WGA loonaanvulling

Uitkering vanuit de WGA die wordt verstrekt na de loongerelateerde uitkering als de deels arbeidsgeschikte werknemer minimaal de helft van zijn resterende verdiencapaciteit benut. De uitkering bedraagt 70% van het verschil tussen het (gemaximeerde) loon voor arbeidsongeschiktheid en de volledige verdiencapaciteit.

WGA loongerelateerde uitkering

Gewenningsuitkering vanuit de WGA van 75% gedurende twee maanden en daarna 70% van het verschil tussen het loon voor arbeidsongeschiktheid en het nieuwe loon. De uitkeringsduur is afhankelijk van het arbeidsverleden maximaal 38 maanden. De uitkering wordt alleen verstrekt als er aan een referte-eis gelijk aan die van de WW is voldaan.

WGA-hiaat

Het verschil tussen het oude loon maal het UWV uitkeringspercentage en de WGA vervolguitkering die gebaseerd is op het minimumloon maal het UWV uitkeringspercentage.

WGA-hiaatverzekering

Verzekering die uitkeert als aanvulling op de WGA-vervolguitkering. De verzekering keert uit tot het volledige inkomen gelijk is aan 70% van het loon (gemaximeerd tot het WIA-dagloon) voor arbeidsongeschiktheid eventueel vermenigvuldigd met het arbeidsongeschiktheidspercentage.

WGA-uitkeringen

Uitkering voor gedeeltelijk arbeidsgeschikten en volledig maar niet duurzaam arbeidsongeschikten. De hoogte van de uitkeringen binnen de WGA zijn afhankelijk van de benutting van het nog aanwezige arbeidsvermogen.

WGA-vervolguitkering

Uitkering vanuit de WGA die wordt verstrekt na de loongerelateerde uitkering als de deels arbeidsgeschikte werknemer minder dan de helft van zijn resterende verdiencapaciteit benut. De uitkering is een percentage van het minimumloon, afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid.

WIA beschikking

Besluit van het UWV waarin het arbeidsongeschiktheidspercentage van een werknemer bekend wordt gemaakt. Besluit van het UWV waarin het arbeidsongeschiktheidspercentage van een
werknemer bekend wordt gemaakt. Ook staat hierin vermeld of de werknemer recht heeft op een uitkering en hoe hoog deze uitkering is.

Zwangerschaps- en bevallingsverlof

Verlof van 16 weken voor zwangere werkneemsters, geregeld in de Wet Arbeid en Zorg (WAZO). Het zwangerschapsverlof gaat in tussen 6 en 4 weken voor de vermoedelijke bevallingsdatum. Na de bevalling is in ieder geval recht op 10 weken bevallingsverlof. Er bestaan uitzonderingen voor tweeling- en meerlingzwangerschappen. Vraag hier het zwangerschapsverlof aan: Aanvraagformulier zwangerschapsverlof.